Acceptatiebeleid klanten

VIVAT heeft fundamentele stappen gezet in het aangaan van zakelijke relaties met pensioenklanten. Relaties die hun pensioen bij VIVAT willen inkopen worden getoetst op basis van een uitvoerige lijst met duurzaamheidscriteria (ESG-punten). De uitkomst is bepalend voor het afsluiten en/of verlengen van uitvoeringscontracten. Om de uitvoering gecontroleerd en zorgvuldig te houden is de implementatie stapsgewijs. Na evaluatie van het acceptatiebeleid binnen de pensioenen, zullen we dit acceptatiebeleid uitbreiden naar de schadeverzekeringen van VIVAT.

Verantwoord verzekeren: Customer Due Diligence

Dienstverlening aan klanten kan met zich meebrengen dat VIVAT N.V. en onderliggende entiteiten worden blootgesteld aan het risico van het zakendoen met onethische relaties en/of het plegen van een economisch delict. Middels naleving van het klantintegriteitsbeleid en het beleid naleving Sanctieregelgeving wil VIVAT voorkomen dat zij of onderdelen van VIVAT onzorgvuldig handelen of verwijtbaar betrokken raken bij witwastransacties, terrorismefinancieringen, fraude en/of ander risicovol niet-integer of normoverschrijdend gedrag. Customer due diligence (CDD) vormt een onderdeel van de verplichtingen die verzekeraars hebben op het gebied van integere bedrijfsvoering. VIVAT accepteert nieuwe klanten met de vereiste zorgvuldigheid en streeft het zo goed mogelijk kennen van de klant na. Daarbij gaan we na wie de klant is, welke activiteiten zij uitvoert, wie de uiteindelijke belanghebbenden binnen een rechtspersoon zijn en of de klant of uiteindelijke belanghebbende een (reputatie)risico vormen voor VIVAT.

VIVAT wil dat haar activiteiten in overeenstemming zijn met wet- en regelgeving en haar interne normen. Met het oog hierop zal VIVAT:

  • Alle redelijke maatregelen treffen om alleen maar klanten met een goede reputatie te hebben;
  • Alle redelijke maatregelen treffen om gevallen waarin zij wordt misbruikt voor witwassen of financieren van terrorisme te ontdekken;
  • Alle redelijke maatregelen treffen om samen te werken met bevoegde overheidsinstanties ter ten uitvoerlegging van anti-witwas en financiering van terrorisme wetten.

In de volgende gevallen wordt de klant niet geaccepteerd:

  • Indien het klantenonderzoek niet leidt tot identificatie, verificatie en het vaststellen van het doel en de beoogde aard van de relatie en/of indien de klant niet bereid is de benodigde gegevens te verstrekken;
  • Sanctieregelgeving is van toepassing op de klant (Sanctiewet);
  • Branches en klanten die niet handelen in overeenstemming met algemeen aanvaarde en ethische beginselen:
    • Schendingen van mensenrechten;
    • Sociale vraagstukken (waaronder kinderarbeid, dwangarbeid en internationale arbeidsrechten);
    • Ernstige schendingen van het milieu;
    • Vormen van corruptie;
    • De productie van of handel in (controversiële) wapens.
  • Een klant in die in verband wordt gebracht met ‘negatieve’ publiciteit;
  • Indien er indicatoren bestaan dat de klant betrokken is bij witwassen en/of terrorismefinanciering.


De doelstelling van het Beleid naleving Sanctieregelgeving is dat VIVAT te allen tijde voldoet aan de Sanctieregelgeving. Relaties worden gecontroleerd tegen de sanctielijsten van de EU, de VN en Nederlandse sanctielijsten. Deze screening van relaties gebeurt bij acceptatie, periodiek en/of bij wijziging klantenbestand en wijziging van de sanctielijsten. Tevens hanteert VIVAT naast haar wettelijke verplichting ook filtering langs de OFAC-lijst. In geval van een wijziging van de sanctielijsten of de OFAC-lijst, worden alle bestaande relaties gescreend.

Sommige relaties leveren naar hun aard een hoger risico op witwassen of terrorismefinanciering op. Om dit hogere risico te compenseren, worden aanvullende maatregelen getroffen door het toepassen van verscherpt klantenonderzoek. Landen die een hoger risico op witwassen en terrorismefinanciering met zich meebrengen worden als verhoogde risicolanden gekwalificeerd. Wanneer landen door de FATF zijn geïdentificeerd als landen die in onvoldoende mate een systeem ter voorkoming van witwassen en terrorismefinanciering hebben opgezet, wordt dit gezien als één van de factoren die het risico op witwassen en terrorismefinanciering van een relatie of transactie vergroot. Klanten die woonachtig of gevestigd zijn in deze landen vormen een verhoogd risico. Onderdeel van het CDD-beleid is het toetsen of de klant of uiteindelijke belanghebbende kwalificeert als Politically Exposed Person (PEP). Hieronder worden personen verstaan die een prominente publieke functie bekleden of hebben bekleed en de directe familieleden of naaste geassocieerden van deze personen. Zakelijke relaties met en dienstverlening aan PEP's vereisen aanvullende maatregelen omdat deze een grotere kans op reputatieschade en andere risico's, inclusief witwassen, met zich meebrengen. Daarnaast vergt dienstverlening aan PEP’s bijzondere aandacht in het kader van het internationale beleid inzake de bestrijding van corruptie. Alle klanten worden automatisch bij acceptatie en periodiek getoetst tegen een PEP-lijst.